Verstand van Bouwrechtzaken 23 – waarschuwingsplicht en bewijslast

13 december, 2022
Jasper de Roo

De waarschuwingsplicht blijft een belangrijk onderwerp bij geschillen tussen opdrachtgever en aannemer[1]. De waarschuwingsplicht houdt in dat de aannemer bij het aangaan of het uitvoeren van de overeenkomst verplicht is de opdrachtgever te waarschuwen voor onjuistheden in de opdracht voor zover hij deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen.


Wanneer is aan die waarschuwingsplicht voldaan en hoe zit het met de bewijslast?


Waarschuwingsplicht


De aannemer dient bij de uitvoering van het werk de vereiste zorgvuldigheid in acht te nemen. Hieruit kan een waarschuwingsplicht voortvloeien.


Hoever deze waarschuwingsplicht reikt, bleek in een recente uitspraak van het Hof Den Bosch.[2]


Een parketleverancier constateert bij het aangaan van een overeenkomst dat sprake is van een vochtprobleem in de vloeren, binnen- en buitenmuren van de woning. Dit wordt bevestigd door een specialist. De specialist adviseert eerst een nieuwe ondervloer (cementdekvloer) te storten alvorens het parket te leggen. De parketleverancier waarschuwt zijn opdrachtgever.


De opdrachtgever laat vervolgens in eigen beheer een cementdekvloer aanbrengen, maar laat geen werkzaamheden uitvoeren aan de vochtige binnen- en buitenmuren. De specialist controleert daarna de cementdekvloer en acht deze voldoende goed als ondergrond voor het parket. De parketleverancier besteedt geen aandacht meer de vochtige binnen- en buitenmuren.


Na het leggen van de parketvloer is deze bol gaan staan. Opdrachtgever stelt de parketleverancier aansprakelijk voor de schade.


Het Hof overweegt dat de aannemer de opdrachtgever dient te waarschuwen als sprake is van gebreken en ongeschiktheid van zaken afkomstig van opdrachtgever. Als de aannemer zijn waarschuwingsplicht niet nakomt of anderszins onzorgvuldig handelt dan is hij aansprakelijk voor de schade.


Er is gewaarschuwd maar was dat voldoende en - in procedures zeer belangrijk - kan de aannemer dat bewijzen?


Bewijslast


Het Hof overweegt dat de wetgever de aannemer heeft willen belasten met het bewijs dat hij bij de uitvoering van het werk de vereiste zorgvuldigheid in acht heeft genomen, en dat uit die zorgvuldigheid een waarschuwingsplicht kan voortvloeien. Het Hof verwijst daarvoor naar de kamerstukken.[3]


Het verweer van de aannemer dat de waarschuwingsplicht is nagekomen is een zogeheten bevrijdend verweer, waarvan de aannemer de bewijslast draagt.


De aannemer slaagt in zijn bewijs dat hij bij het aangaan van de overeenkomst voldoende heeft gewaarschuwd. Echter, het Hof oordeelt dat de aannemer bij de start van de werkzaamheden zijn waarschuwingsplicht heeft geschonden. De aannemer heeft immers geen aandacht meer besteed aan de herkomst van het vocht en de vochtige muren.


Het Hof oordeelt daarom dat de parketleverancier op het moment dat zij daadwerkelijk is gestart met de werkzaamheden niet aan de op haar rustende waarschuwingsplicht heeft voldaan en dat levert wanprestatie op.


Eigen schuld


De parketleverancier hoeft echter niet de volledige schade te vergoeden. Ook de opdrachtgever treft namelijk een verwijt. Die heeft geen nader onderzoek gedaan naar de vochtige muren dan wel werkzaamheden laten verrichten aan de vochtige muren. Deze omstandigheid aan de zijde van de opdrachtgever heeft mede bijgedragen aan de schade. Er is dus sprake van eigen schuld.

Het Hof verdeelt de schade op 50/50 basis tussen partijen.


Overigens ligt de bewijslast voor eigen schuld bij diegene die hier een beroep op doet, in dit geval dus ook de aannemer.


Toekomstig recht

 

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (WkB)[4] introduceert een schriftelijke waarschuwingsplicht voor de aannemer. De waarschuwing moet duidelijk zijn en wijzen op de mogelijke gevolgen voor de deugdelijke nakoming van de overeenkomst. Dit laatste betekent dat de aannemer bijvoorbeeld moet wijzen op eventuele meerkosten, technische gevolgen of risico’s. De bedoeling hiervan is om mogelijke discussie over aansprakelijkheid bij gebreken te beperken.


Wilt u meer weten over rechten en plichten bij aannemingsovereenkomsten, neemt u dan contact op met een van onze bouwrecht specialisten. Met regelmaat publiceren wij nieuwe artikelen over vastgoedrecht op sociale media. Volg ons en blijf op de hoogte.

Bronnen:

[1] Zie ook mijn Blog Verstand van bouwrechtzaken 12 - Waarschuwingsplicht aannemer

[2] Hof 's-Hertogenbosch 13-09-2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:3144

[3] Kamerstukken II 1992/93 23 095, nr. 3, p. 32-33).

[4] De inwerkingtreding van de Omgevingswet is uitgesteld naar 1 juli 2023. Ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) schuift daarmee wederom op.

Jasper de Roo
Vastgoedrecht